PFAS in België: de klacht van ClientEarth en wat dit betekent voor uw bedrijf


Op 8 juli 2026 diende de ngo ClientEarth een formele klacht in tegen België bij het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR), met als argument dat de autoriteiten niet optreden tegen een van de hoogste PFAS-verontreinigingen in Europa. Dit beroep op mensenrechten, een primeur voor dit type milieudossier in België, markeert een keerpunt: de juridische druk op de Belgische staat neemt toe. Voor bedrijven die potentieel verontreinigde locaties exploiteren of hebben geëxploiteerd, is het signaal duidelijk.
België, het ergste geval van PFAS-verontreiniging in Europa
Volgens het Forever Pollution Project, een cartografische database die eeuwige chemicaliën op Europese schaal in kaart brengt, vertoont België de PFAS-concentraties (per- en polyfluoralkylstoffen) die tot de hoogste van het continent behoren. De situatie treft alle drie de gewesten.
In Vlaanderen vormt de 3M-fabriek in Zwijndrecht, die van de jaren 1970 tot 2024 PFAS produceerde, de meest gedocumenteerde hotspot. Analyses hebben abnormaal hoge concentraties bevestigd in het bloed van jongeren die binnen een straal van vijf kilometer van de site wonen. In Wallonië hebben zo'n 12.000 inwoners van de gemeente Chièvres PFAS-verontreinigd water gedronken dat gelinkt is aan een nabijgelegen luchtmachtbasis. In Brussel detecteert de exploitant Vivaqua sinds 2021 TFA (trifluorazijnzuur), een persistente PFAS, in de reservoirs die de hoofdstad bevoorraden, in concentraties die de toekomstige Europese norm overschrijden.
De klacht van ClientEarth is gebaseerd op deze gedocumenteerde verontreinigingen en verwijt de Belgische autoriteiten systematische passiviteit: de informatie was al jaren, soms zelfs decennia, beschikbaar zonder dat er concrete beschermingsmaatregelen werden genomen.
Een klacht over mensenrechten: wat houdt dat precies in?
Het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR) is het toezichthoudende orgaan van de Raad van Europa dat toeziet op de naleving van het herziene Europees Sociaal Handvest door de lidstaten. De procedure voor collectieve klachten stelt bevoegde organisaties, waaronder milieu-ngo's, in staat om een klacht in te dienen tegen een staat.
In de zaak nr. 266/2026 ClientEarth t. België, geregistreerd op 9 juli 2026, stelt ClientEarth dat België hetartikel 11(1) en 11(3) van het Handvestheeft geschonden, waarin het recht op bescherming van de gezondheid wordt gegarandeerd, door onvoldoende maatregelen te nemen om de bevolking, en in het bijzonder kinderen die als onevenredig blootgesteld worden aangemerkt, te beschermen tegen de risico's van PFAS.
De procedure voorziet in een antwoord van de Belgische staat, gevolgd door een gemotiveerde beslissing van het ECSR die wordt doorgegeven aan het Comité van Ministers van de Raad van Europa. Als het ECSR een schending vaststelt, moet de staat verantwoording afleggen over de maatregelen die zijn genomen om deze te verhelpen. De beslissing is niet afdwingbaar zoals een rechterlijk vonnis, maar genereert wel een aanzienlijke politieke en diplomatieke druk en kan versnelde wetgevende of reglementaire hervormingen teweegbrengen. Dat is precies het effect dat ClientEarth beoogt: « We hebben voor deze weg gekozen omdat dit comité over een zeer grote handhavingskracht beschikt », aldus Hélène Duguy, advocate bij ClientEarth.
Een regelgevend kader dat tegelijkertijd strenger wordt
De klacht van ClientEarth kadert in een algemene verstrenging van de regelgeving rond PFAS.
Sinds 12 januari 2026 heeft België via een koninklijk besluit de nieuwe grenswaarden omgezet die worden opgelegd door de Europese richtlijn voor drinkwater: 0,10 µg/l voor individuele PFAS-stoffen uit de 20 prioritaire stoffen (PFAS-20), en 0,50 µg/l voor de som van alle PFAS. Deze drempelwaarden zijn van toepassing op leidingwater en op termijn ook op grondwater dat voor menselijke consumptie wordt gebruikt.
Op Europees niveau wordt momenteel een ontwerp voor een universele beperking van PFAS onderzocht in het kader van de REACH-verordening. Indien aangenomen, zou deze beperking het resterende gebruik van PFAS in de industrie strikt reguleren, ook in sectoren die nog in transitie zijn.
Voor bedrijven waarvan de activiteiten PFAS hebben betrokken, of het nu gaat om AFFF-blusschuim (vliegvelden, brandweerkazernes, petrochemische sites), gefluoreerde coatings of gefluoreerde chemische processen, vormt de combinatie van juridische en reglementaire druk vandaag een krachtig signaal dat niet genegeerd mag worden.

Wat dit betekent voor uw bedrijf
De klacht van ClientEarth richt zich niet rechtstreeks op private exploitanten, maar verhoogt de druk op de Belgische autoriteiten om hun eisen voor potentieel verontreinigde locaties aan te scherpen. Er rijzen nu al verschillende praktische vragen.
Is uw locatie mogelijk betrokken?
Bepaalde activiteiten worden klassiek geassocieerd met de aanwezigheid van PFAS in bodem en grondwater: historisch gebruik van AFFF-schuim, opslag van gefluoreerde chemische producten, nabijheid van een voormalige installatie die PFAS produceerde of gebruikte. Als de geschiedenis van uw locatie een van deze activiteiten omvat, is een controle noodzakelijk.
Beschikt u over een bodemattest?
In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is de Bodemverontreinigingsonderzoek (BVO)kan worden opgestart bij de vernieuwing van een milieuvergunning of bij de overdracht van een terrein. In Wallonië kan een oriënterend bodemonderzoek verplicht worden gesteld of vrijwillig worden uitgevoerd. In Vlaanderen speelt hetOriënterend bodemonderzoek (OBO) een vergelijkbare rol. In alle drie de gevallen maken PFAS nu deel uit van de stoffen die in de onderzoeksprotocollen en risicoanalyses moeten worden opgenomen.
Voldoen uw grondwateronttrekkingen aan de nieuwe drempelwaarden?
De grenswaarden die sinds januari 2026 van kracht zijn, gelden voor drinkwater, maar ze dienen in toenemende mate als referentie voor de risicobeoordeling bij verontreiniging van het grondwater. Als u grondwater onttrekt of als u een project plant op een locatie met een onzekere geschiedenis, is een preventief PFAS-onderzoek een essentiële voorzorgsmaatregel.

Wat ABV Environment voor u kan betekenen
ABV Environment ondersteunt bedrijven, projectontwikkelaars en initiatiefnemers bij het beheer van bodem en grondwater die mogelijk verontreinigd zijn met PFAS, in alle drie de Belgische gewesten.
Onze teams zijn erkend voor het uitvoeren van wettelijk verplichte bodemonderzoeken in elk gewest: Bodemverontreinigingsonderzoek (BVO) in Brussel, oriënterend en beschrijvend bodemonderzoek in Wallonië, OBO en BBO in Vlaanderen. Wij integreren PFAS-analyses in onze onderzoeksprotocollen, in overeenstemming met de geldende wettelijke grenswaarden.
Wij treden ook proactief op met een PFAS-kwetsbaarheidsaudit op uw locatie: identificatie van potentiële bronnen, analyse van de activiteitenhistoriek en gerichte analytische screening. Bij een vastgestelde verontreiniging coördineren onze teams de saneringsfase en de opvolging van de procedures bij Leefmilieu Brussel, de SPW en de OVAM.
Heeft uw locatie of project te maken met PFAS? Neem contact op met onze teams voor een eerste kennismaking.
