Overstromingen van juli 2021 in Wallonië: vijf jaar later, wat verandert er voor uw projecten


In juli 2021 troffen overstromingen 209 van de 261 Waalse gemeenten, wat leidde tot schade ter waarde van 2,3 miljard euro en tienduizenden schadedossiers. Vijf jaar later heeft de Service Public de Wallonie (SPW) een volledig overzicht van haar acties gepubliceerd en structurele wijzigingen doorgevoerd: nieuwe bouwregels in overstromingsgebieden, gesystematiseerde natuurgebaseerde oplossingen (NBS), een reorganisatie van het crisisbeheer en een versterkte planning op stroomgebiedniveau. Voor initiatiefnemers van industriële, vastgoed- of publieke projecten in Wallonië zijn deze ontwikkelingen vanaf vandaag van kracht en moeten ze al in de haalbaarheidsfase worden meegenomen.
De ramp van 2021: een regelgevend keerpunt
Volgens gegevens van Assuralia uit juni 2026 zorgden de overstromingen van juli 2021 voor bijna 74.000 schadedossiers met een totale kostprijs van ongeveer 2,3 miljard euro, waarvan 2,24 miljard in Wallonië. Het Waals Gewest nam 1,03 miljard euro van deze schade voor zijn rekening. Op 31 maart 2026 was 98,3% van de dossiers afgehandeld en vergoed. De materiële wederopbouw vordert dus. Maar de meest ingrijpende veranderingen vonden plaats op regelgevend en operationeel vlak: deze bepalen voortaan de beoordeling van projecten in risicogebieden.
Sinds de ramp heeft de SPW haar instrumenten voor crisisbeheer gereorganiseerd, de eisen voor projecten in risicogebieden aangescherpt en natuurgebaseerde oplossingen geïntegreerd in haar preventiestrategie. Dit is wat dit concreet betekent voor uw dossiers.
Striktere stedenbouwkundige regels in overstromingsgebieden
De SPW Territoire, Logement, Patrimoine et Énergie (SPW TLPE) hanteert voortaan een strengere aanpak voor de bebouwbaarheid in overstromingsgebieden. Nieuwe gidsen en stedenbouwkundige regels kaderen projecten in om de kwetsbaarheid in het hele gewest te verminderen. Deze documenten zijn bindend voor projectontwikkelaars en opstellers van milieueffectrapportages.
Voor een project in een overstromings- of afstromingsgebied moet een Milieueffectrapport (MER) of een Nota Milieueffectbeoordeling (NEI) voortaan een analyse van het overstromingsrisico bevatten, aantonen dat het project verenigbaar is met dit risico en, indien nodig, correct gedimensioneerde maatregelen voorstellen om de kwetsbaarheid te verminderen.
Bovendien brengt de cel GISER (Gestion intégrée Sol-Érosion-Ruissellement) van de SPW Agriculture, Ressources naturelles et Environnement (SPW ARNE) voortaan advies uit over stedenbouwkundige projecten die blootgesteld zijn aan het risico op overstroming door afstromend water. Met deze adviserende rol moet rekening worden gehouden in de planning van de vergunningsprocedure.
Een volledig gereorganiseerd crisisbeheer
Naar aanleiding van de aanbevelingen van de Waalse parlementaire onderzoekscommissie heeft de SPW nieuwe instrumenten ingevoerd. Het Centre de coordination des risques et de la transmission d'expertise (CORTEX) zorgt voor de coördinatie bij uitzonderlijke gebeurtenissen. Het Plan régional de gestion de crise (PRGC) is aangenomen. De samenwerking met het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI) is versterkt om de vroegtijdige waarschuwingsketen te verbeteren.
Op infrastructureel vlak legt een decreet uit 2024 voor het eerst de veiligheidsnormen en exploitatievoorwaarden vast voor de 15 Waalse stuwdammen, die gezamenlijk worden beheerd door de SPW Mobilité et Infrastructures (SPW MI) en Engie. Dit wettelijk kader definieert de rollen en verplichtingen van elke beheerder. Tegelijkertijd ontwikkelen de SPW MI en de Société wallonne des eaux (SWDE) een dynamisch besluitvormingsinstrument voor het beheer van de waterreserves van de stuwdammen van de Gileppe en de Vesder.

Natuurgebaseerde oplossingen als kern van de preventie
De strategische keuze van Wallonië is duidelijk: natuurgebaseerde oplossingen (NBS) vormen een belangrijke hefboom voor overstromingspreventie, naast klassieke waterbouwkundige werken. De SPW ARNE realiseert of financiert lokale inrichtingen over het hele Waalse grondgebied: tijdelijke overstromingsgebieden, overstromingsvlaktes, hermeandering en het opnieuw openleggen van waterlopen. Het doel is om water te vertragen en op te slaan in plaats van het snel af te voeren naar stroomafwaartse gebieden.
Deze aanpak levert drie gelijktijdige voordelen op: vermindering van het overstromingsrisico, behoud van biodiversiteit en een beter beheer van watervoorraden. Voor projectontwikkelaars langs waterlopen of in waterrijke gebieden betekent dit dat haalbaarheidsstudies en MER/NEI-rapporten rekening moeten houden met NBS-inrichtingen die in de buurt van het terrein gepland of al gerealiseerd zijn.
De Vesdervallei: een structurele stroomgebiedplanning
De wederopbouw van de Vesdervallei is exemplarisch voor de omvang van het geleverde werk. Na een vijftigtal dringende interventies tussen 2021 en 2026 (beveiliging van oevers, herstel van wegen en bruggen), zijn nu grote projecten voor een veerkrachtige oeverheropbouw gestart, aangestuurd door de Direction des Cours d'Eau non navigables (DCENN) van de SPW ARNE in samenwerking met SPI, het agentschap voor territoriale ontwikkeling van de provincie Luik. Een informatiesysteem genaamd Rives begeleidt deze projecten ten behoeve van de bevolking.
Nog structurerender voor projectontwikkelaars: de SPW TLPE heeft opdracht gegeven voor een multidisciplinair strategisch plan voor het stroomgebied van de Vesder en voor programma's voor duurzame (her)ontwikkeling van getroffen wijken (PDDQ). Deze planningsdocumenten bepalen de richtlijnen voor stedenbouw, milieu en mobiliteit voor de komende jaren. Elk project in dit stroomgebied moet hiermee rekening houden.

Wat dit betekent voor uw projecten
Er zijn vier praktische implicaties voor projectontwikkelaars in Wallonië die direct voortvloeien uit dit nieuwe kader.
Elk project in een overstromingsgevoelig gebied of een afstroomgebied moet al in de haalbaarheidsfase worden onderworpen aan een voorafgaande risicoanalyse, waarbij rekening wordt gehouden met de nieuwe stedenbouwkundige gidsen van de SPW TLPE en het eventuele advies van de GISER-cel. De MER of de NEI die voor dit type project wordt opgesteld, moet het overstromingsrisico grondiger behandelen dan voorheen: nauwkeurige identificatie van het blootgestelde gebied, aantonen van de compatibiliteit van het project en maatregelen om de kwetsbaarheid te verminderen. De lopende planningsdocumenten in de Vesdervallei (Strategisch plan, PDDQ) vormen bindende referenties die de bouwzones kunnen afbakenen of de toegestane bestemmingen kunnen vastleggen. Tot slot moeten natuurgebaseerde oplossingen vanaf het ontwerpstadium worden geïntegreerd: ze kunnen een beperking vormen (zone gereserveerd voor natuurlijke inrichting) of een kans (een project versterken door het in te passen in een strategie voor territoriale veerkracht).
ABV Environment ondersteunt projectontwikkelaars bij het integreren van deze nieuwe vereisten: voorafgaande analyse van het overstromingsrisico, opstellen van de hydrologische en watergerelateerde onderdelen in MER/NEI-rapporten, overleg met de GISER-cel en de SPWARNE, en besluitvormingsondersteuning bij de locatiekeuze en het ontwerp van projecten in risicogebieden.
